Kinderliedje · 3–9 jaar
In Holland staat een huis
Verbergt het menu, de afbeelding en extra informatie.

In Holland staat een huis, ja huis,
en in Holland staat een lindelaan.
Falderie faldera, falderopsasa,
en in Holland staat een huis.
Wie woont daar in dat huis, ja huis?
En wie woont daar in die lindelaan?
Falderie faldera, falderopsasa,
wie woont daar in dat huis?
Daar woont een rijke heer, ja heer,
al in die rijke lindelaan.
Falderie faldera, falderopsasa,
daar woont een rijke heer.
Nu krijgt die heer een vrouw, ja vrouw,
al in die rijke lindelaan.
Falderie faldera, falderopsasa,
nu krijgt die heer een vrouw.
Nu krijgt die vrouw een kind, ja kind,
al in die rijke lindelaan.
Falderie faldera, falderopsasa,
nu krijgt die vrouw een kind.
Nu krijgt die heer een knecht, ja knecht,
al in die rijke lindelaan.
Falderie faldera, falderopsasa,
nu krijgt die heer een knecht.
Nu krijgt die vrouw een meid, ja meid,
al in die rijke lindelaan.
Falderie faldera, falderopsasa,
nu krijgt die vrouw een meid.
Nu jaagt de heer de knecht, ja knecht,
al in die rijke lindelaan.
Falderie faldera, falderopsasa,
nu jaagt de heer de knecht.
Nu jaagt de vrouw de meid, ja meid,
al in die rijke lindelaan.
Falderie faldera, falderopsasa,
nu jaagt de vrouw de meid.
Nu gaat die heer in ’t bos, ja bos,
al bij die rijke lindelaan.
Falderie faldera, falderopsasa,
nu gaat die heer in ’t bos.
Nu gaat die vrouw van ’t huis, ja huis,
al in die rijke lindelaan.
Falderie faldera, falderopsasa,
nu gaat die vrouw van ’t huis.
Nu is dat kind alleen, alleen,
al in die rijke lindelaan.
Falderie faldera, falderopsasa,
nu is dat kind alleen.
Zeg, kind, waar is je vader, je vader?
Al in die rijke lindelaan.
Falderie faldera, falderopsasa,
zeg, kind, waar is je vader?
Mijn vader is in ’t bos, ja bos,
al bij die rijke lindelaan.
Falderie faldera, falderopsasa,
mijn vader is in ’t bos.
Wat doet hij in dat bos, ja bos?
Al bij die rijke lindelaan.
Falderie faldera, falderopsasa,
wat doet hij in dat bos?
Daar klooft hij een goed hout, ja hout,
al bij die rijke lindelaan.
Falderie faldera, falderopsasa,
daar klooft hij een goed hout.
Nu steekt men ’t huis in brand, ja brand,
al in die rijke lindelaan.
Falderie faldera, falderopsasa,
nu steekt men ’t huis in brand.
Bewegen bij dit lied
- Loop in een kring tijdens het refrein.
- Laat bij elk nieuw figuur een ander kind in het midden stappen.
Over deze variant
- De bron kort herhaalde coupletten af met ‘enz.’; hier is hetzelfde refrein per couplet uitgeschreven.
- De spelling is gemoderniseerd; de volledige keten tot en met de historische brandstrofe is opgenomen.
- Er bestaat ook een variant met ‘van ja-hopsasa’.
Gecontroleerd op 6-8-2026
Bron en rechten
De kettingstructuur, personages en melodie staan in de bundel uit 1894. Alle zeventien bronstrofen zijn opgenomen; de met ‘enz.’ afgekorte herhalingen zijn voluit geschreven.
- Tekst
- Anoniem / traditioneel
- Melodie
- Anoniem / traditionele melodie
- Status
- Geverifieerd publiek domein
- Tekst en melodie: Van Vloten, Nederlandsche baker- en kinderrijmen (1894), p. 104–105
- Melodie- en tekstregistratie: Nederlandse Liederenbank, record 104318
Zie je een fout? Mail correcties@kinderliedjesteksten.nl.
Ook leuk