Alfabetisch overzicht
Van A tot Z
'
- 'k Zie mijn zusje zwak en week'k Zie mijn zusje zwak en week,
- 's Avonds in de maneJongens, meisjes, komt naar 't spel,
- 't HazelboschDoor de sneeuw steekt spichtig 't hazelbosch;
- 't Is de eerste schoone dag van Maart't Is de eerste schoone dag van Maart,
- 't Regent zeer't Regent zeer -
- 't Schaapje in het groene gras't Schaapje in het groene gras;
A
- A, b, c, dA, b, c, d.
- A, B, C, de kat gaat meeA, B, C;
- Abraham had zeven zonenAbraham had zeven zonen
- Al die willen te kaap’ren varenAl die willen te kaap’ren varen
- Alle eendjes zwemmen in het waterAlle eendjes zwemmen in het water
- Alle vogels zijn er alAlle vogels zijn er al;
- Als een haasje vlug op gangAls een haasje vlug op gang,
- Altijd is Kortjakje ziekAltijd is Kortjakje ziek
- Amsterdam, die grote stadAmsterdam, die grote stad,
- AppelboomWel, appelboom! wat sta je rijk,
B
- Baar op baarVreedzaam glijdt de maan door wolken,
- Ben je boosBen je boos?
- Berend BotjeBerend Botje ging uit varen
- Bim, bam, beierenBim, bam, beieren -
- BlindemannetjeStoelen en stoven op ziĵ,
- BloemkwekenIk heb een' kleinen, kleinen tuin,
- Boer, wat zeg je van mijn kippenBoer, wat zeg je van mijn kippen
- BoterbloemetjeIk moet u toch 'reis roemen,
- BrandneteltjeAi, ai, mijn heele handje brandt!....
- BroodkruimelsWat pikt er tegen 't vensterglas,
D
- Daar buiten, daar buitenDaar buiten, daar buiten,
- Daar gingen eens drie oude wijfjes over een zwik zwak bruggetjeDaar gingen eens drie oude wijfjes over een zwik zwak bruggetje.
- Daar hangt een spinnekop aan 't netDaar hangt een spinnekop aan 't net,
- Daar klinken de klokken des avonds zoo zachtDaar klinken de klokken des avonds zoo zacht;
- Daar komt een vrouwtje aangeloopenDaar komt een vrouwtje aangeloopen.
- Daar kruipt een vogeltjeDaar kruipt een vogeltje
- Daar spring ik, daar zing ikDaar spring ik, daar zing ik:
- Daar stond een korfje op de kistDaar stond een korfje op de kist,
- Daar was eens een mannetje, dat was niet wijsDaar was eens een mannetje, dat was niet wijs;
- Daar was ereis een vrouwDaar was ereis een vrouw,
- Daar was laatst een meisje loosDaar was laatst een meisje loos
- Daar zijn ze reeds de spelemansDaar zijn ze reeds de spelemans,
- Daar zit het vroolijk zoet MiekenDaar zit het vroolijk zoet Mieken
- Dag Sinterklaasje · Grabbelton KidsDag Sinterklaasje dag dag
- DageraadWel zoo! gij schoone dageraad!
- Danderomdeine kwam van BruggeDanderomdeine kwam van Brugge
- DauwOch, kijk! wat zijn de bloempjes nat!
- De boterhamZoet smaakt de boterham,
- De DruivelaarZiet, op den druivelaar
- De herdertjes lagen bij nachteDe herdertjens lagen bij nachte,
- De herdertjes lagen bij nachte · Grabbelton KidsDe herdertjes lagen bij nachte
- De kop van de kat was jarigDe kop van de kat was jarig
- De Korenaren wiegenDe korenaren wiegen
- De lente kwamDe winterkoû is weggejaagd:
- De paden op, de lanen inDe paden op, de lanen in,
- De TouterDoet nu zwieren den touter, den touter,
- De vledermuisVledermuis
- De vliegerHeiza! op 't stoppelveld
- De wielen van de busDe wielen van de bus gaan rond en rond
- De Zak van Sinterklaas · Grabbelton KidsDe zak van Sinterklaas,
- De ZeeIk sta nu voor de zee, met hare felle baren;
- De zevensprongHeb je wel gehoord van de zeven, de zeven
- De zomervreugd is henenDe zomervreugd is henen,
- Dertig dagen heeft NovemberDertig dagen heeft November,
- Dit is de sleutel van de MuiderpoortDit is de sleutel van de Muiderpoort;
- DraaitolTolletje, tolletje! ben-je niet lui?
- Drie kleine kleutertjesDrie kleine kleutertjes die zaten op een hek,
- Drie koningen, drie koningenDrie koningen, drie koningen!
- Drie schuintamboersDrie schuintamboers, die kwamen uit het oosten
- Droomen-LeerenWat ik zoo geerne doe
- Drop, drop, dropDrop, drop, drop,
- DuifjeDuifje met uw blanke veêren!
- Duimelot is in 't water gevallenDuimelot is in 't water gevallen;
E
- Een karretje op de zandweg reedEen karretjen op een' Zandweg reed;
- Een middagslaapjeWie rusten wil in 't groene woud,
- Een scheepje dreefEen scheepje dreef in eene kuip,
- Eén, twee, kopje theeEen, twee,
- Eia, popeia, kookt kindekes papEia, popeia, kookt kindekes pap;
- En 's avonds als ik slapen gaEn 's avonds als ik slapen ga,
- En toch zal 't lente wordenWat zingt het hupplend koningsken
- En toenEn toen de moeder tot hem sprak:
- En toen hij naar de schole gingEn toen hij naar de schole ging,
- Er is een kindeke geboren op aard · Grabbelton KidsEr is een Kindeke geboren op aard
- Er is een kindetje geboren op d’aardEr is een kindetje geboren op d'aard;
- Er waren eens drie eendjes in een pontjeEr waren eens drie eendjes in een pontje;
- Er was een kleine jongenEr was een kleine jongen,
- Er zat een aapje op een stokjeEr zat een aapje op een stokje
- Er zaten zeven kikkertjesEr zaten zeven kikkertjes
G
- Gaat de droeve winter henenGaat de droeve winter henen,
- Ging Gang GoolieGing gang, goolie goolie goolie goolie watcha,
- Gister avond in ons huisGister avond in ons huis
- Goeie morgen, tante KaatjeGoeie morgen, tante Kaatje!
- Groen, groen grasjeGroen, groen grasje,
- Grootvader bij GrootmoederAls de Grootvader bij Grootmoeder zit,
H
- HaasjeHaasje zat in 't rijpend koren,
- Handje plakHandje plak,
- Handjes wassenWie zijn handjes schoon wil wasschen,
- Hansje knipperdolletjeHansje knipperdolletje
- Hansje Pansje KevertjeHansje Pansje Kevertje
- Heb je van de Zilveren Vloot wel gehoordHeb je van de Zilveren Vloot wel gehoord
- Heb je wel gehoord van de holle bolle wagenHeb je wel gehoord van de holle bolle wagen,
- Hein de balHein de bal,
- Herder, laat je schaapjes gaanHerder, laat je schaapjes gaan.
- Herders, hij is geborenHerders hy is geboren
- Het BroerkenToen er een tweede broerken kwam,
- Het HuisZiet, kindren, ziet dit somber huis,
- Het konijntjeKonijntje lief, konijntje lief,
- Het LiedNu is 't aan gang, door gansch het land
- Het verdwaalde lamLammetje! loop je zoo eenzaam te blaten
- Het wevertje zat naast zijn vrouwHet wevertje zat naast zijn vrouw;
- Het WindjeBlaas, blaas, blaas,
- Hier is de sleutel van den Bibelebontschen bergHier is de sleutel van den Bibelebontschen berg. -
- hijhij
- Hij Komt Hij Komt die Lieve Goede Sint · Grabbelton KidsHij komt, hij komt
- HobbelpaardHop, hop! mijn vrolijk hobbelpaard!
- Hoe is het mooglijk danHoe is het mooglijk dan
- Hoe lang, hoe lange toch geleênHoe lang, hoe lange toch geleên
- Hoe leit dit kindekenHoe leit dit kindeken hier in de kou!
- Hoe zoetHoe zoet te luisteren naar mijn hert
- Hoed u wel, schoon bloemelijnDaar gaat een maaier naar de wei,
- Hoedje van papierEen, twee, drie, vier, een hoedje van papier
- HoningbijenWel zoete honig zuigt de bij
- Hoofd, schouders, knie en teenHoofd, schouders, knie en teen, knie en teen
- Hoor de Wind Waait Door de Bomen · Grabbelton KidsHoor de wind waait door de bomen.
- Hoor Wie Klopt Daar Kinderen · Grabbelton KidsHoor wie klopt daar kind'ren,
- Hop, hop, hop, paardje in galopHop, hop, hop,
- Hop, MarjannekeHop, Marjanneke, stroop in ’t kannetje
- Hossetent, hossetentHossetent, hossetent,
- Hu, hu, paardjeHu, hu, paardje,
I
- Iene miene mutteIene miene mutte
- Ik ging door groene weidenIk ging door groene weiden,
- Ik had een kleinen hondIk had een kleinen hond
- Ik heb een bloem al in mijn handIk heb een bloem al in mijn hand,
- Ik heb een potje gekochtIk heb een potje gekocht.
- Ik heb een rood, rood spiegeltje gevonden'k Heb een rood, rood, spiegeltje gevonden,
- Ik heb gereisdJa, luistert, jongens, 'k heb gereisd
- Ik stond laatst voor een poppenkraamIk stond laatst voor een poppenkraam
- Ik wandel alleen in 't zonnig woudIk wandel alleen in 't zonnig woud
- Ik zag twee berenIk zag twee beren
- Ik zei er wel JaapIk zeider wel Jaap, ik zeider wel Jaap,
- In de maneschijnIn de maneschijn, in de maneschijn
- In de vijver, plompIn de vijver, plomp! wat springt die vis!
- In de weiLieve beestjes in de weî!
- In Den Haag, daar woont een graafIn Den Haag, daar woont een graaf
- In een blauw geruite kielIn een blauw geruite kiel
- In een groen, groen knollenlandIn een groen, groen knollenland
- In het bosGij, lieve vogels, schuw en wild!
- In Holland staat een huisIn Holland staat een huis, ja huis
- In meiIn Mei,
J
- Jan Huigen in de tonJan Huigen in de ton
- Jan-baas had een paardjeJan-baas had een paardje
- Jan-oom zat op een boomJan-oom
- Jan, mijn man, wou ruiter wordenJan, mijn man, wou ruiter worden,
- Jantje zag eens pruimen hangenJantje zag eens pruimen hangen,
- Jingle bells in de arrenslee · Grabbelton Kidsrijden door de sneeuw
- Joechheisa, joecheiJoechheisa, joechei!
- Jonge vogeltjesZe vlogen hoog, ze vlogen laag,
- Jongens Heb je 't al Vernomen? · Grabbelton KidsTiralalali, tiralalala
- Ju, ju, paardjeJu, ju, paardje
K
- Kaatje, ben je bovenKaatje, ben je boven? -
- Kent gijKent gij der musschen mollig nest,
- KersenplukkenKersen, kersen, zacht en rood,
- KersentijdNu eens in 't rond gesprongen,
- Kindje, ga naar bedjeKindje, ga naar bedje
- Kis-kassenKom nu, mijn gladde kittelsteen,
- Klaas Vaak die komtKlaas Vaak die komt,
- Klaas was lest naar 't bosch gegaanKlaas was lest naar 't bosch gegaan
- Klap eens in je handjesKlap eens in je handjes, blij, blij, blij
- Klein spinnenkopjeWel, aardig spinnekopje! wat ben-je bitter kleen!
- Klein zusjeMijn allerliefste zusje,
- Klein, klein kleutertjeKlein, klein kleutertje, wat doe je in mijn hof
- Klein, klein, muisjeKlein, klein, muisje!
- Klepperman van tienenDaar komt de man met zijnen stok;
- Kling klokje klingelingeling · Grabbelton KidsKling klokje klingelingeling
- Klompertje en zijn wijfjeKlompertje en zijn wijfje
- Klop, klop, hamertjeKlop, klop, hamertje!
- Kluwentje, kluwentje garenKluwentje, kluwentje garen,
- Koen, maak je mijn schoen‘Koen, maak je mijn schoen?’ -
- Koene kranenKoene kranen,
- Kom aan, naar 't groene looverKom aan, naar 't groene loover,
- Kom, laten we nu eens zingenKom, laten we nu eens zingen
- Kom, lieve lenteKom, lieve lente,
- Komt allen tezamen · Grabbelton KidsKomt allen tezamen, jubelend van vreugde
- Komt nu allenKomt nu allen,
- Krullebolletje ging eens wandelenKrullebolletje ging eens wandelen
L
- Laat ons dansen in den kringLaat ons dansen in den kring,
- Laat ons gaanLaat ons gaan, laat ons gaan,
- Lang zal hij levenLang zal hij leven,
- Lange wagen, krui wat voortLange wagen, krui wat voort,
- Langs de doornenhaagLangs de doornenhaag met witte bloemen.
- Langzaam daalt de zwaluw nederLangzaam daalt de zwaluw neder,
- LeerenHa! ha! ha en ha! wanneer de school begint,
- LenteliedVoelt ge wel de koeltjes zweven;
- LijsterbessenLijstertje, zoo zwart van veêren,
- Lorretje‘Lorretje, kaporretje, kapoe!....’
- Luilekkerland'k Heb van Luilekkerland gistren gelezen,
- Lustig, vrienden, opgeletLustig, vrienden, opgelet!
M
- Maart roert zijn staartMaart
- MadeliefjeUit het gras steekt madeliefje
- ManeschijnDie klare, heldre maneschijn,
- Maria zoude naar Bethlehem gaanMaria zoude naar Bethlehem gaan,
- Marijken, Marijken, wat kost je groene theeMarijken, Marijken,
- Meesters verjaardagHoe! zijn uwe oogjes nog vol vaak?
- MeiIs de mei aangekomen,
- Mei-regenWie graag sterk wil zijn en groot,
- MeimaandDe vogels springen door de heg
- Midden in de winternacht · Grabbelton KidsMidden in de winternacht,
- MiekenKent ge niet het wakker Mieken,
- Mietje ging eens water halenMietje ging eens water halen,
- Mijn vader zou laatst eens een kistje beslaanMijn vader zou laatst eens een kistje beslaan;
- MoederliefkenHoor, hoe trillend in de stalling
- Molenaartje, maalt je molenMolenaartje, maalt je molen?
- MorgenliedKinderkens! 't is uchtend!
N
- Naar bedKindertjes! zijt ge nog niet moê? -
- Naar bed, naar bed, zei DuimelotNaar bed, naar bed, zei Duimelot
- Naar school‘Naar school, naar school! de klok sloeg acht!’
- NachtegaalHoort, kindren! wat een klaar geluid
- NachtegaalsliedjeEen nachtegaal zit in den boom,
- Nemen en gevenEi! goeden morgen, Peereboom!
- Nieuwe klompjesMijn Kees-oom is een timmerman,
- Nu zijt wellekomeNu zijt wellekome, Jesu, lieve Heer!
O
- O dennenboom · Grabbelton Kidsoo denneboom, oo denneboom
- O kindeke klein, o kindeke teer · Grabbelton KidsO kindeke klein, o kindeke teer
- O oven, o ovenO oven, o oven!
- O, kom eens kijkenO, kom eens kijken,
- O, Kom Er Eens Kijken · Grabbelton KidsO, kom er eens kijken
- Och, Jantje, wil niet huilenOch, Jantje, wil niet huilen:
- OktoberKijk! October is in 't land!
- Ons katje was een lieflijk beestOns katje was een lieflijk beest,
- Ons poesjeWel, poesje! wat is er uw velletje zacht,
- Ooievaar, LepelaarOoievaar,
- Op de groene weidenOp de groene weiden,
- Op de grote, stille heideOp de grote, stille heide,
- Op een grote paddenstoelOp een grote paddenstoel
- OpgepastIk wou wel als een vogeltje
- Ouwe Jan en jonge JanOuwe Jan en jonge Jan,
P
- Paardje, paardje, rij naar steePaardje, paardje, rij naar stee;
- Palm-palm-PaschenPalm-palm-Paschen,
- Papegaaitje, leef je nog?Papegaaitje, leef je nog?
- PoesPoes, gij hebt het spek gestolen,
- Poesje mauwPoesje mauw, poesje mauw
R
- RegendropjeRegendropje, regendropje,
- Rijen, rijen, rijen in een wagentjeRijen, rijen, rijen
- Rommel de Bommel · Grabbelton Kids(Rommel de bommel)
- RoodborstjeRoodborstje, roodborstje, geestige dief!
- Roodborstje tikt tegen het raamRoodborstje tikt tegen 't raam, tin, tin, tin,
- Rooie, rooie, rondedansRooie, rooie, rondedans,
- Roosje zoeteHeet steekt de zon, fel waait de wind,
S
- Schipper, mag ik overvaren?Schipper, mag ik overvaren, ja of nee?
- Schoenlappertje zou uit lappen gaanSchoenlappertje zou uit lappen gaan
- SchoudermanteltjeEen lapje hier, een lapje daar,
- Schuitje varen over de zeeSchuitje varen over de zee!
- Schuitje varen, theetje drinkenSchuitje varen, theetje drinken
- Sinterklaas Ging uit Fietsen · Grabbelton KidsSinterklaas ging uit fietsen,
- Sinterklaas Goedheiligman · Grabbelton KidsSinterklaas goedheiligman
- Sinterklaas kapoentjeSinterklaas kapoentje,
- Sinterklaas Kapoentje · Grabbelton KidsSinterklaas kapoentje
- Sinterklaas, die goeie heerSinterklaas, die goeie heer,
- Sinterklaas, goed heilig manSinterklaas, goed heilig man,
- Sinterklaasje bonne, bonne, bonneSinterklaasje, bonne, bonne, bonne,
- Sinterklaasje kom maar binnen met je vriend · Grabbelton KidsSinterklaasje, kom maar binnen met je vriend
- Slaap kindje slaapSlaap, kindje, slaap
- Slaap, goede moeder, moê door 't werkSlaap, goede moeder, moê door 't werk.
- SneeuwballenSneeuw bedekt de landen:
- SneeuwliedjeBlanke vlokjes, fijn en zacht,
- SpinnenwebOf er de wind ook uw webbetje scheurt,
- SterretjesSterretjes! zie ik u blinken en staan,
- Stille nacht · Grabbelton KidsStille nacht, heilige nacht.
- Suja, poppedeineSuja, poppedeine,
- Suja, suja, kindjeSuja, suja, kindje!
T
- Tante NansTante Nans
- Tiere liere let let letTiere liere let let let,
- Tik, tak, tolTik, tak, tol;
- Tikke takke toonenTikke takke toonen;
- Toen ik een viertal jarenToen ik een viertal jaren
- Toen onze Mop een mopje wasToen onze Mop een mopje was
- Toen Oogstmaand pas verschenen wasToen Oogstmaand pas verschenen was
- Torentje, torentje, bussekruitTorentje, torentje, bussekruit!
- Tussen Keulen en ParijsTussen Keulen en Parijs
- Twee emmertjes water halenTwee emmertjes water halen
- Twee kindertjes bij mekaarTwee kindertjes bij mekaar:
- Twee violen en een trommel en een fluitTwee violen en een
V
- Vader is naar de stad geloopenVader is naar de stad geloopen,
- Vader JacobVader Jacob, Vader Jacob,
- van den KoekoekDe koekoek is een slimme gast
- Van den MolenMolen, wilt ge dan niet draaien,
- Van den UilEen uil, die op 'nen ezel zat,
- Van een EzelkenEen ezel jong van jaren,
- Van het BeekjeDaar suizelt het beekje
- Van waar komt gij gedreven- Van waar komt gij gedreven,
- ViooltjeViooltje, zacht van kleuren!
- Vlieger oplatenVieren, vieren!.... achteruit!....
- VogelenliedKlein vogelijn, op groenen tak!
- VogelnestjeJongens! ginder zitten spreeuwen!
- VogelverschrikkerWel, vogeltjes! wat ben-je dom,
- Voor de smidseHeisa! dat hamert er lustig op toe,
- VoorjaarsdagDe boomen ontluiken, de bloesem komt uit,
- VoorjaarskoelteZoele, koele Zuidewind,
- Vroolijk en reinBen ik maar klein,
W
- Waar ben je toch geweestWaar ben je toch geweest?
- Waarom niet lustig van gemoedWaarom niet lustig van gemoed?
- WandelenHet wandelen is naar onzen zin,
- Wat doet het hondjeWat doet het hondje?
- Wat hebben wij ganzen voor kleding aanWat hebben wij ganzen voor kleding aan?
- Wat ligt er in dat tonnetjeWat ligt er in dat tonnetje?
- WeddenschapEi roosje! kijk eens uit uw' knop,
- Wel op! wel op! sa gauw uit het bedWel op! wel op! sa gauw uit het bed,
- Welk plezierAlle jongens zijn reeds hier,
- Wie gaat er meê naar de schermschool toeWie gaat er meê naar de schermschool toe,
- Wij vogels hebben 't waarlijk goedWij vogels hebben 't waarlijk goed;
- WinterWeest nu stil, - hij is gekomen,
- WinteravondZoo'n winteravond mag ik wel,
- Wip, wip, wip, visjeWip, wip, wip, wip, wip, wip, visje,
- Witte zwanen, zwarte zwanenWitte zwanen, zwarte zwanen,
Z
- Zachtjes Gaan de Paardenvoetjes · Grabbelton KidsTrippel trappel trippel trap
- Zagen, zagen, wiedewiedewagenZagen, zagen, wiedewiedewagen
- Zakdoekje leggenZakdoekje leggen
- Zie De Maan Schijnt Door de Bomen · Grabbelton KidsZie de maan schijnt door de bomen.
- Zie Ginds Komt de Stoomboot · Grabbelton Kidsooh ik zie hem, ginds, daar komt hij aan
- Zie, de maan schijnt door de bomenZie, de maan schijnt door de bomen,
- Zie, ginds komt de stoombootZie, ginds komt de stoomboot
- ZingenZingen, o vriendekens, reinigt 't gemoed:
- ZittenWanneer gij ergens zitten gaat,
- Zo rijden de herenZie, zo rijden de heren
- Zonne, VaarwelZonne, vaarwel!
- ZonsopgangOch! 't is wel aardig in mijn' tuin
- ZwemmenVrienden, zegt me, kunt ge zwemmen?
- Zwijg nu stille, kindje, stilleZwijg nu stille, kindje, stille,