Kinderliedje · 4–10 jaar
Er was een kleine jongen
Verbergt het menu, de afbeelding en extra informatie.

Er was een kleine jongen,
Steeds zat hij, waar hij zat;
Hij hield van spel noch springen,
At niets dan lekkre dingen;
Rond werd hij als een vat.
Hij zei: ‘O, de andre jongens
Zijn mager als een spil…
Ik ben zoo wel gezeten
Bij veel en lekker eten!
En ’k loop… wanneer ik wil.’
Toen ging de kleine jongen
Op straat gelijk hij kon;
Al wagglend heen en weder,
Viel hij ten laatste neder
En rolde als eene ton.
Een makker hielp den jongen,
Hij keek zeer trotsch en dom,
En wiggel-waggel liep hij;
‘’k Ben dik, maar loop toch!’ - riep hij.
Ja, - zei de vriend, - maar krom!
Bewegen bij dit lied
- Beeld het dier uit zonder de zang te overstemmen.
- Laat kinderen om de beurt een regel voorzingen.
Over deze variant
- De volledige tekstvariant uit 1879 is gevolgd; historische Vlaamse spelling en woordkeus zijn behouden waar modernisering het ritme of de betekenis kon veranderen.
Gecontroleerd op 6-8-2026
Bron en rechten
Deze volledige kinderliedtekst komt uit de auteursrechtvrije bundel van Emanuel Hiel uit 1879. De editie verwijst voor zangwijzen naar historische liedverzamelingen; er wordt hier geen moderne melodie geclaimd.
- Tekst
- Emanuel Hiel (1834–1899)
- Melodie
- Geen vaste melodie in deze teksteditie; historische zangwijzen staan in het bronregister
- Status
- Geverifieerd publiek domein
- Tekst: Hiel, Liederen voor groote en kleine kinderen (1879), lied 23
- Tekst- en melodievarianten zoeken in de Nederlandse Liederenbank
Zie je een fout? Mail correcties@kinderliedjesteksten.nl.
Ook leuk